CompetentCity

Mathieu Weggeman: ‘Vonken in plaats van vinken’

Wie een lezing van Mathieu Weggeman bijwoont, stapt in een sneltrein. In razend tempo gaat de hoogleraar Organisatiekunde (TU Eindhoven) en managementbestsellerauteur op zijn doel af: zijn publiek bewust maken dat docenten hun ‘vrijheid’ kunnen kopen door goed te zijn.

Een heldere boodschap verkondigen is één. Je publiek ook nog volop amuseren is een tweede. Weggeman is een meester in beide categorieën, zo blijkt al vanaf de eerste minuut. De hoogleraar/auteur stapelt grap op  grap en grossiert in rake one-liners. ‘We moeten vonken in plaats van vinken’, stelt hij na een glansrijk betoog over een teveel aan ‘verticale thermometers’, ‘turfsmurfen’ van de inspectie en ‘infantiele bureaucratische nikserigheid’ die het leven van de professional zuur maken. ‘En als dan blijkt dat je het goed doet, krijg je een prijs. Er zijn zoveel prijzen, dat je geestelijke hulp nodig hebt, als je er nog geen hebt ontvangen’.



Evidence based liefde

We schieten volgens Weggeman echt door met die verticale thermometers – steeds die controle of de gewenste output wel gehaald wordt. En dan die wens om het ‘transparant te maken’... ‘Dat is een chique formulering voor “ik vertrouw je niet”’, laat Weggeman weten. ‘En dan hebben we het ’t liefst “evidence based”. Binnenkort is alles evidence based. Zelfs de liefde. Zeg je tegen je vrouw “ik hou van je”. Antwoordt ze “Maak het eens transparant”.’ Gelach alom. Maar het punt is gemaakt: geef professionals vertrouwen (‘trust’ in plaats van ‘command’ en ‘control’). Zij die het goed doen, hoeven niet of nauwelijks gemanaged te worden. Zodat de manager zijn aandacht kan besteden aan diegene die het minder goed doen.

Zeven handreikingen

Hoe te sturen en gestuurd te worden, is dan de vraag. Weggeman geeft antwoord. Hij somt een aantal criteria op (‘Managers: hou je hier aan. En docenten: toets uw baas hierop, want hieraan kun je rechten ontlenen’) en schakelt over in een nog hogere versnelling. Hij heeft het over de noodzaak van een collectieve ambitie (‘Geef tekst, taal en tekening aan wat je doet en stuur daarop, in plaats van op regels en procedures’). Over het belang van eerlijke communicatie ('Graag op tijd!'). Over de gezaghebbende, maar dienende en bescheiden attitude die een manager moet hebben. En verder ondermeer over het hitteschild dat je als manager moet optrekken ‘tegen ruis van boven’. ‘Er zijn bedrijven waar medewerkers denken dat Arbo een meneer is, omdat ze steeds te horen krijgen dat iets niet mag van Arbo’, aldus Weggeman. Belangrijkste handreiking is echter dat managers moeten kunnen differentiëren. Iedere professional heeft een ander kennis- en ervaringsniveau. Daar past dus niet één managementstijl bij. Je moet kunnen wisselen.

Dirigenten

Wat er allemaal voor stijlen zijn? Weggeman start als antwoord een filmpje met enkele dirigenten en hun stijlen’. Allereerst zien we Edo de Waart, een dirigent die zegt waar het op staat, taakgericht managet en ook – met moeite – mensen de laan uit durft te sturen. Daarna zien we onder meer Simon Rattle die zijn orkestleden oproept te spelen met hun ‘whole body’ (‘Kick the microphones over, kick me over!’), Carlos Kleiber, die durft te differentiëren en nu eens taak- dan weer relatiegericht stuurt en – als laatste – Leonard Bernstein, die alle ruimte geeft, feitelijk niets doet bij de uitvoering, maar vooraf ongetwijfeld zijn orkest strak heeft geleid. Het blijkt het slotakkoord te zijn van Weggemans’ lezing. De TGV heeft ons op onze bestemming gebracht. Tijd om uit te stappen. Vergeet u bij het verlaten van de trein niet de opgedane bagage mee naar huis te nemen?

Meer Mathieu Weggeman? Lees dan het interview dat we in juli met hem hielden.


Auteur: Olaf van Tilburg (Ravestein & Zwart)

Weergaven: 231

Opmerking

Je moet lid zijn van CompetentCity om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van CompetentCity