Mathieu Weggeman. Hoogleraar Organisatiekunde aan de TU Eindhoven. Auteur van de managementbestseller ‘Leiding geven aan professionals? Niet doen!’. Altijd goed voor prikkelende uitspraken. En op 3 oktober één van de sprekers op CompetentCity. Een interview over inleven, waarderen, vertrouwen en differentiëren.
Het onderwijs en de zorg. Werelden die Mathieu Weggeman fascineren, intrigeren. Werelden ook die veel parallellen hebben: beide dienen het maatschappelijk belang. Verder zie je veel ontwikkelingen uit de zorg enkele jaren later ook in het onderwijs verschijnen. Bijvoorbeeld het toetreden van bestuurders die geen affiniteit hebben met hetgeen ze dienen te besturen. Zagen we in het ziekenhuis economen de bestuurszetels overnemen van de geneesheren, zo zien we in het onderwijs steeds meer managers uit het bedrijfsleven. ‘Of ex-burgemeesters’, vult Weggeman aan. ‘Op zich geen slechte ontwikkeling. Het zijn rasbestuurders. Maar ze moeten wel oprecht geïnteresseerd zijn in de primaire processen.’
‘Die belangstelling kun je ontwikkelen’, vervolgt hij. ‘Je kunt je verdiepen, alle afkortingen en termen onder de knie krijgen en je bewust worden van de opdracht die je organisatie heeft en de taak die jij als bestuurder hierbij speelt. Je moet de “values” kennen. In het onderwijs bouwen we aan de toekomst van dit land. Jij als bestuurder draagt daar een steen aan bij. Je moet deze missie voelen, de belangen snappen, wil je een goede CvB’er zijn.’
Verticale thermometers
Klinkt logisch. Maar in praktijk blijkt die noodzakelijke affiniteit niet bij elke bestuurder aanwezig. ‘Laatst sprak ik een CvB’er die vertelde dat hij nog nooit op het Techniekplein van zijn eigen ROC was geweest. Hoe kun je dan je mensen sturen?’, vraagt Weggeman zich weg. ‘In mijn presentatie op CompetentCity wil ik duidelijk maken dat je alleen maar succesvol leiding kunt geven aan docenten als je waardering hebt voor hun vak en hen op maat kunt faciliteren in de uitvoering van hun vak. Dit houdt ook in dat je in je sturing moet differentiëren. Minder goede docenten mag je stevig sturen. Maar geef goede vakmensen de kans zelf te bepalen hoe ze hun resultaten halen. Maak resultaatafspraken met hen en laat ze vervolgens hun gang gaan. Geen command & control: verticale thermometers werken bij hen alleen maar remmend.’
‘Docenten die hun vak beheersen, verdienen op alle fronten de ruimte. Zij “kopen” hun vrijheid door goed te zijn. Hierdoor heb jij, als manager, alle tijd om de minder goede te sturen. Dat is doorgaans zo’n 20 procent van de professionals; wellicht is dat percentage bij ROC’s hoger. Niet bepaald een enorme managementload. Nou is differentiëren on-Nederlands. Het is ook moeilijk voor veel managers. Zij houden toch graag vast aan een vaste managementstijl. Die is vaak gebaseerd op de grootste druiloor. Zoals je die managet, zo manage je ook je beste docent. Vreemd, want thuis differentieer je wel. Je behandelt je zoontje die keurig netjes doet wat je zegt, toch ook anders dan je dochtertje dat nooit luistert?’
Uitgebreid repertoire
Mocht er toch stevig gestuurd moet worden? Dan heb je als manager een uitgebreid repertoire. Weggeman: ‘Als het om een docent gaat die wel wil, maar niet kan, kun je allereerst het takenpakket van de docent onder de loep nemen. Laat hem minder vakken geven, of minder lessen. Een andere methode is de meester-gezel constructie, waarbij een oudere leraar een jongere leraar begeleidt en wegwijs maakt. Een variant hierop is de inverse meester-gezel constructie: de jongere neemt de oudere bij de hand en praat hem bij over bijvoorbeeld social media en YouTube. Dit gebeurt ook veel in ziekenhuizen, waar de jongere de oudere bijvoorbeeld wegwijs maakt in de wereld van de endoscopie. Erg leerzaam.’
Kloof tussen les en leefwereld
Ook voor de docenten heeft Weggeman enkele tips. ‘Willen zij beter functioneren, dan moeten zij zich willen inleven in de werkelijkheid van hun leerlingen. Ik verbaas me er over dat je de belevingswereld van jongeren zo weinig terugziet in de wijze waarop onderwijs wordt vormgegeven. Er is echt een kloof tussen les en leefwereld. Je moet gebruik maken van hun vermogen om te multitasken, de dynamiek, de snelheid. Die jongeren zitten thuis te gamen, betreden dan een onbekende werkelijkheid, leggen allerlei causale verbanden en bereiken zo een hoger level. Waarom sluiten de lessen daar niet op aan?’
‘Verder moet je je als docent ook bewust zijn van je intrinsieke motivatie om leermeester te worden. Is je docentschap een gemakkelijke manier om goed geld te verdienen? Of ben je echt betrokken en je bewust van het maatschappelijk belang van je werk? Ik vind dat je je werk serieus moet nemen. Je moet beroepstrots kweken. En je beseffen dat je jouw vrijheid kunt “kopen” door je werk goed te doen. Prettig voor je werk. Voor je leerlingen. En prettig voor je manager.’
Meer weten? Schrijf je dan nu in voor CompetentCity en kom naar de lezing van Matthieu Weggeman.
Je moet lid zijn van CompetentCity om reacties te kunnen toevoegen!
Wordt lid van CompetentCity